• /files/pro/i_0015/SAS__TMC_working.jpg
  • /files/pro/i_0015/SAS_TMC.jpg

The Mobile City

The Mobile City, een project van Martijn de Waal en antropoloog Michiel de Lange. Legt de link tussen theorie en beroepspraktijk. Een onafhankelijk onderzoeksgroep onderzoekt de invloed van digitale media op het stedelijke leven en de implicaties daarvan op het stedelijk ontwerp. Werkt samen met instituties, organisaties en individuen uit diverse disciplines, maar met dezelfde interesses.

Andere initiatiefnemer

‘Ik heb The Mobile City samen met antropoloog Michiel de Lange opgericht. Wij deden allebei mee aan een onderzoeksprogramma van NWO over transformaties in kunst en cultuur. Beiden liepen we aan tegen het feit dat we de theorie ontzettend interessant vonden, maar het maken van de link met de beroepspraktijk van nog groter belang. Kunnen we theoretische inzichten die zijn gestaafd door empirisch onderzoek vertalen in een ontwerpopgave, en zo dienstbaar zijn aan ruimtelijke ontwerpers? Omdat het nog niet bestond, hebben we toen zelf besloten hiervoor een platform op te richten.

De stedelijke opgave is een multidisciplinaire opgave, waarvoor het initiatief uit verschillende hoeken kan komen. Momenteel hoef je als architect niet meer te wachten op een opdracht. Als jij in een wijk een bepaalde problematiek ziet, dan kun je een project opzetten. De campagnekracht van sociale media maakt het mogelijk om zelf eerder het initiatief te nemen. Het gaat dan veel meer om campagnevoeren dan om pitchen - je probeert mensen te mobiliseren rond jouw visie, in plaats van dat je invulling probeert te geven aan de visie van een opdrachtgever. Het is daarbij wel belangrijk om de juiste expertise bij je project te trekken.’

Andere opdrachtgever

The Mobile City is ons eigen initiatief en heeft geen opdrachtgever. Per project werven wij sponsoren en subsidies. Bovendien werken wij per project strategisch samen met een partner die een eigen achterban heeft. Dat vinden we belangrijk omdat wij verschillende werelden bij elkaar willen brengen. Zo hebben wij samengewerkt met NAi, ARCAM, het Virtueel Platform en verschillende e-cultuurorganisaties als Mediamatic en Waag Society.’

Andere overheid

‘Idealiter schaart de overheid zich achter het republikeinse ideaal van publiek domein, op rijksniveau. In mijn optiek kan de overheid zich niet afzijdig houden. Het lastige van publiek domein is echter wel dat het vaak het bijproduct is van iets anders. Het ontstaat als verschillende groepen dezelfde ruimte delen – fysiek of virtueel. Maar het delen van die ruimte is niet het doel op zich, al die groepen komen er om uiteenlopende redenen. Omdat er voor hen iets te halen valt, omdat ze zich er thuis voelen, omdat die ruimte een specifieke functie of behoefte vervult. Publiek domein ontstaat dus uit tijdelijke overlappingen van verschillende levenswerelden, maar laat zich lastig opleggen. Je kunt publiek domein niet van bovenaf in het leven roepen, maar wel de zaken die publiek domein op kunnen leveren door de voorwaarden te scheppen, zoals parken en pleinen. Evenwel is het belangrijk die ruimtes zodanig te programmeren dat ze voor verschillende groepen aantrekkelijk zijn – of die programmering juist deels open te laten zodat verschillende groepen zich een ruimte toe kunnen eigenen. Met nieuwe media ontstaan er ook nieuwe mogelijkheden. Het zoeken van overlap tussen verschillende levenswerelden kun je ook organiseren door, in plaats van alleen maar ruimtelijk, mensen met verschillende achtergronden rond specifieke processen te organiseren. Denk bijvoorbeeld aan het instellen van een deelauto, waarin de gebruikers gezamenlijk ook de auto beheren. Dat is een functioneel programma. Juist omdat het zo functioneel is, kunnen stedelingen met verschillende achtergronden eraan deelnemen, en is het mogelijk dat er zo momenten van tijdelijke overlap ontstaan.’

Andere ruimtelijke ordening

‘Deze vraag sluit aan bij hoe ik Nederland over tien jaar mogelijk zie. Ik zie een tendens richting ruimtelijk uitselecteren op economische en lifestyle criteria en een tendens richting menging/overlap van functies en doelgroepen. Die kunnen zich in elkaars nabijheid en door elkaar bewegen, omdat de mobiele media hen in staat stellen contact te houden met hun eigen groep en zich zo veilig te voelen.’

Ander ontwerp

‘Het ontwerp wordt veel meer multidisciplinair en voorwaardenscheppend. Publiek domein ontwerp je niet, maar je ontwerpt de voorwaarden ervoor. De digitale ontwikkelingen maken dat sommige voorwaarden, zoals het sociaal mobiliseren, zich niet meer persé binnen het fysieke domein afspelen. Wat dit voor het fysieke domein betekent heb ik nog niet helder voor ogen. Je hebt flexibiliteit en vrijheid nodig, maar een grote lege vlakte waarop iedereen zijn ding kan doen is natuurlijk ook niet de oplossing. Het gaat erom een balans te vinden tussen enerzijds ruimtes en processen zo te programmeren dat er tijdelijke overlap kan ontstaan tussen verschillende stedelingen, en dat anderzijds niet te veel van bovenaf dichtsmeren. Je moet ook ruimte laten in het programma, waardoor stedelingen zich ruimtes toe kunnen eigenen.’

Andere kennis

‘Wij organiseren al onze projecten in samenwerking met andere partijen, waardoor wij van hun kennis en ervaring kunnen leren en hier op voort kunnen bouwen. Voor onze conferentie ‘Social cities of tomorrow’ zijn wij bijvoorbeeld de samenwerking aangegaan met zowel ARCAM als het Virtueel Platform. In de ruimtelijke praktijk zijn multidisciplinaire samenwerkingen vooral belangrijk vanwege die nieuwe kennis en perspectieven. The Mobile City werkt heel interdisciplinair, en dat geldt ook voor mijn eigen werk. Mijn promotie betekende het vergaren van heel veel verschillende soorten kennis en onderzoek, variërend van filosofie, culturele geografie, mediastudies, architectuurgeschiedenis en planologie tot stadssociologie. Het synthetiseren van al die onderzoeken en benaderingswijzen vind ik de rol van de onderzoeker en de filosoof. Om van daaruit vervolgens ook weer nieuwe vragen en hypotheses te kunnen stellen.’

Andere samenwerkingspartijen

‘Voor een goed stedelijk ontwerp heb je eigenlijk een team nodig met een aantal expertises. Je hebt een antropoloog of socioloog nodig om te kijken wat er al is en wat er zoal gebeurt. Welke ruimtelijke en sociale praktijken zijn er al, hoe zouden we daar op voort kunnen bouwen? En welke wensen en verlangens spelen er onder potentiële gebruikers? Een filosoof kan vanuit een normatief kader een idee vormen over wat er zou moeten gebeuren op die plek, zonder daar heel absoluut en star in te zijn. Verder een omgevingspsycholoog en een ontwerper om deze input te verwerken in een concrete oplossing. Die ontwerper kan een architect of stedenbouwer zijn, maar ook een andersoortige ontwerper. Tenslotte heb je een programmeur/interface ontwerper en een campagnevoerder nodig. Het gaat hierbij vooral om een aantal houdingen en expertises, om verschillende rollen die door uiteenlopende partijen uitgevoerd kunnen worden. De architect kan ook de rol van de filosoof vervullen en de socioloog kan ook de rol van campagnevoerder op zich nemen.’

Andere opgave

‘Als we het over publiek stedelijk domein hebben, staat de ontwerpopgave niet vooraf vast maar wordt deze gevoed door een stedelijk ideaal en de stedelijke praktijken. Het gaat erom een ontwerp te vinden dat die twee aspecten bij elkaar kan brengen. Onderzoek moet daarom een veel groter deel van de totaalopgave uitmaken. Je hebt visie nodig, maar je moet ook lenig kunnen zijn en aan kunnen sluiten bij wat er al is. Bij het vertalen van visie naar vorm moet je je steeds laten voeden door feitelijke praktijken. De architect is meer dienend binnen de opgave van het stedelijk domein.’
nwa_Martijn_de_Waal_.jpg

Martijn de Waal

Martijn de Waal (Zeist, 1972) richtte in 2007 samen met Michiel de Lange TheMobileCity.nl op, een onderzoeksplatform over de rol van digitale en mobiele media in het stedelijke ontwerp. Daarnaast heeft hij zijn eigen bureau, The Public Matters, dat onderzoek doet naar de rol van digitale media in de publieke sfeer. Sinds het begin van de jaren 90 volgt hij de ontwikkelingen van nieuwe media. Eerst als journalist (Volkskrant, Nieuwe Revu, Intermediair en VPRO Radio), later als zelfstandig onderzoeker. Martijn is als universitair docent verbonden aan de vakgroep Mediastudies aan de Universiteit van Amsterdam.

project

The Mobile City

interview

Het republikeinse stedelijke ideaal

website

http://www.martijndewaal.nl

netwerk

William Uricchio René Boomkens Mark Shepard Jose van Dijck Arnold Reijndorp

social media

Martijn de Waal op twitter

martijndewaal@martijndewaal22 mei

RT @EdTaverne: Did Richard Florida help create "the new urban crisis"? https://t.co/Y615YBAjPm https://t.co/amdkKOmgnb

martijndewaal@martijndewaal12 mei

RT @mbauwens: MANIFESTO FOR AN INCLUSIVE ECONOMY ; The Social Economy Alliance, May 2017 https://t.co/D60TWgxzAg

martijndewaal@martijndewaal09 mei

RT @sproutness: New Playable Smart City commission of interest to your communities @NieuweInstituut @waag @themobilecity https://t.co/y6NzfWZXCP

martijndewaal@martijndewaal04 mei

RT @molleindustria: SimCities & SimCrises - my keynote for the #gamesforcities conference is now online https://t.co/u3Liw8gDMo https://t.co/YrSlsadEdU

martijndewaal@martijndewaal02 mei

RT @mdelange: My article (Dutch) in @MagazineAgora “Slimme stad, slimme stedelingen” https://t.co/dl7GNDbbto #smartcity #datacity #makercity #playfulcity

martijndewaal@martijndewaal02 mei

Interessant: HvA Collega Ruurd Priester presenteert zijn publicatie 'Onze online platformen' #citymaking #stadmakers https://t.co/ciKQQSE50g

martijndewaal@martijndewaal21 apr

#gamesforcities panelists discuss affordances of games to make complex systems as circular economy concrete & provide horizon for action