Smart Cities

Rogier van den Berg (SmartCityStudio en SmartCityArchitects) zet momenteel voor de Verenigde Naties in Nairobi een ‘Urban Planning and Design Lab’ op, dat ‘pilot projecten’ ontwerpt en implementeert in steden op het zuidelijk halfrond. Van den Berg is één van de curatoren voor Nederlandwordtanders/Live Internationaal #1. Hoe ziet hij Nederlandwordtanders in de huidige internationale, ruimtelijke context?

Presentatie Nederlandwordtanders/Live #1

“Nederland liep lang voorop in het ontwerp van de stad. De krachtige conceptuele helderheid moet worden gecombineerd met het ontwerp van nieuwe processen en instrumenten buiten het ontwerpdomein. Daarbij spelen nieuwe technologische ontwikkelingen, duurzaamheidscriteria en de ontwikkeling van juridische en financieel-economische strategieën een sleutelrol. In Nederland is onder vakgenoten vaak nog een lichte scepsis ten opzichte van nieuwe technologie en duurzaamheidscriteria te bespeuren. In de landen direct om ons heen worden daar in samenwerking met het bedrijfsleven en de industrie juist hele nieuwe uitvindingen gedaan, die op korte termijn grote veranderingen in het gebruik van de stad met zich meebrengen. Deze innovaties zijn van grote maatschappelijke én economische waarde.

Internationale ontwikkeling
De ontwikkeling van ‘Smart Cities’, waarbij zowel nieuwe technologie als een nieuwe verhouding tussen overheid, markt en de burger de wijze waarop wij steden ontwikkelen en gebruiken, verandert zie ik internationaal als een van de belangrijkste ruimtelijke ontwikkelingen. Vanuit Kenia werk ik aan steden op het hele zuidelijk halfrond. Waar in Europa de aandacht zich richt op het verbeteren van de bestaande stad, is op het zuidelijk halfrond grotendeels een explosieve groei van steden aan de orde. Zonder ontwerp leidt dit tot sloppenwijken, zonder infrastructuur en steden, zonder dichtheid en de daaraan gerelateerde clustering van stedelijke voorzieningen.

Importeren
In veel steden op het zuidelijk halfrond is de stedenbouw minimaal verankerd in wet- en regelgeving en ontbeert het beproefde financieel-economische strategieën. Hierdoor is elk ontwerp dat je maakt ook een ontwerp van instrumenten buiten het geëigende domein van de ruimtelijk ontwerper. Dat is een houding die ik zou willen importeren naar Nederland en die ook al door veel bureaus wordt opgepikt. Het is echter belangrijk om in te zien dat deze verandering nu pas bij lokale overheden aan de orde is. Dit wordt duidelijk in de publicatie ‘Smart Talks’ (2013, ISBN/EAN 978-90-807951-0-5) die ik voor de Zuidvleugel maakte. Hierin onderzocht ik samen met Doepel Strijkers nieuwe instrumenten voor stedelijke ontwikkeling die in Den Haag, Rotterdam, Gouda, Alphen a/d Rijn en Dordrecht worden toegepast.
Behalve het importeren van het ontwerp dat ruimtelijke interventies koppelt aan nieuwe regelgeving en financiëel-economische strategieën zou ik uit het noordelijk halfrond de koppeling van nieuwe technologie aan stedelijke ontwikkeling willen importeren. De USA, Groot-Brittanië, Scandin