• /files/nws/i_0070/ankara.jpeg
  • /files/nws/i_0070/bobruisk.jpg
  • /files/nws/i_0070/clothes.jpeg
  • /files/nws/i_0070/cairo2.jpeg
  • /files/nws/i_0070/tailor.jpeg
  • /files/nws/i_0070/singapore.jpeg
  • /files/nws/i_0070/seoul.jpeg

Open stedenbouw

bartgoldhoorn_square.jpg
Bart Goldhoorn 10 Apr '14

Naar aanleiding van de bijeenkomst Nederlandwordtanders/Live#1 Internationaal schreef curator Bart Goldhoorn een blog over open stedenbouw.

De nachtmerrie
Mijn verhaal begint bij Rusland. Toen ik daar midden jaren 90 kwam, zag ik steden van betonnen flats, gebaseerd op eindeloze herhaling van identieke modules. Dat was op zich niet bijzonder. Wel bijzonder was dat deze steden niet in de jaren 60 waren gebouwd maar net waren opgeleverd. Vreselijk. Hoe komen we daar vanaf?

Het alternatief
Ik richtte een tijdschrift op en organiseerde tentoonstellingen. Als alternatief presenteerde ik stad zoals we die in Nederland kennen. Een stad waar elk gebouw anders is, past in zijn context en wordt ontworpen voor de specifieke plek door een andere architect.

Successtory
Wij zijn nu twintig jaar verder. Nog steeds wordt diezelfde stad in Rusland gebouwd. En niet alleen in Rusland. Ook in China, Singapore, Vietnam, Turkije, Marokko, Argentinië en Brazilië. Dit model is dus verbluffend succesvol. Waarom? Het is goedkoop. Een keer verzonnen, kun je het eindeloos herhalen. Het leent zich uitstekend voor massaproductie van bouwelementen. Het belangrijkste is echter dat je het snel kan ontwikkelen, en dat het resultaat voorspelbaar is: ‘you see is what you get’.

Dutch disease
Dat is precies wat er mist aan de Nederlandse stad: die wordt langzaam ontwikkeld in een onvoorspelbaar proces. Je weet van tevoren niet wat je krijgt, hoeveel het kost en hoe lang het duurt. Dat brengt risico's met zich mee en risico's kosten geld. Deze stad is dus te duur voor veel landen buiten West Europa. Maar ook in Nederland ligt dit model onder vuur. Het totstandkomingsproces heeft een waterhoofd. Er is een overproductie aan architecten. Kijk maar naar de grafieken: de prijzen stijgen, maar de productie daalt en de productietijd neemt toe. ‘Dutch Disease’ heet dat bij economen. Architectuur is onbetaalbaar en heeft zich uit de markt geprijsd. Architecten overleven allen door hun diensten voor een habbekrats aan te beiden. Dit in een krampachtige poging te voorkomen dat architectuur irrelevant wordt, een speeltje van de elite. Dat is het overigens al lang in het buitenland. Nu zal dat ook in Nederland gebeuren.

De markt
Hoe kun je dat voorkomen? Door architectuur aantrekkelijker te maken voor kopers zodat meer mensen er gebruik van gaan maken. Goedkoper en gericht op de wensen van de consument. Een architectuur voor de markt.

Massaproductie
Uit Rusland weten we hoe je goedkoop kan bouwen: door iets een keer te bedenken en het dan te kopiëren: massaproductie dus. Maar dan zijn er twee problemen. Context (het gebouw moet passen op de locatie) en Variatie (de consument wil kiezen). Deze zijn in tegenspraak met het idee van kopiëren: alles wordt hetzelfde en het uniforme gebouw past per definitie niet op de unieke locatie.

De paradox
Dit lijkt een paradox, maar het antwoord hierop is in veel industrieën al lang gevonden. Het antwoord vormt het fundament van onze hedendaagse welvaart, die enerzijds is gebaseerd op massaproductie maar anderzijds op de grote keuzevrijheid van de consument. Neem bijvoorbeeld kleding
Vroeger ging je naar een kleermaker om een pak te laten maken. Dat kon, omdat er een groot verschil was in het inkomen van de producent en de consument. In een maatschappij van massaconsumptie is dit niet het geval. Daarom worden producten machinaal geproduceerd. Om ervoor de zorgen dat de en masse geproduceerde kleding toch past wordt er een systeem van kledingmaten ontwikkeld. Een systeem dat de variaties in de context - in dit geval het menselijk lichaam - beschrijft en systematiseert, zodat de fabriek weet hoeveel varianten zij moet produceren om de markt te bedienen. Het gevolg is een winkel vol fabrieksmatig geproduceerde kleding. De machtspositie van de consument ten opzicht van de producent is sterk verbeterd: niet alleen zijn de pakken veel goedkoper dan bij de kleermaker, hij kan kiezen uit een grote hoeveelheid pakken die hij bovendien gelijk aan kan trekken.

De industriële standaard
Een degelijk maatsysteem of industriële standaard is een interface tussen product en context. Willen we dat de architectuur een maatschappelijke relevantie heeft, dan is dit is precies wat nodig is.
Daartoe moet het begrip context worden gedemystificeerd. We moeten van een genius loci naar een systema loci: een systematische beschrijving van mogelijke contexten op basis van klimaat, bouwnormen en bouwtradities. Een beschrijving die bestaat uit een systeem van kavelmaten, bouwhoogtes, bouwdieptes en oriëntatie. Architecten maken vooraf ontwerpen op basis van deze standaard. Stedenbouwers passen deze standaard toe, zodat bij de realisatie van stedenbouwkundige plannen geput kan worden uit een grote hoeveelheid kant en klare ontwerpen.

Open Stedenbouw
Er ontstaat een open markt voor architectonische ontwerpen die op verschillende plekken kunnen worden toegepast zonder aan contextualiteit in te boeten. In de jaren 70 streefde men naar Open Bouwen: een maatsysteem voor bouwelementen dat ervoor zorgde dat alle elementen in alle gebouwen kunnen worden toegepast. Dat is gelukt.
Nu moeten we de stap zetten naar een Open Stedenbouw. Binnenkort richt ik het Institute for Open Urbanism op, dat daar naar zal streven.

Utopie?
Klinkt dit vergezocht?

Denk er dan aan dat we al jaren steden bouwen die de een beeld scheppen van een vrije markt, terwijl ze er eigenlijk alleen een imitatie van zijn;

denk er dan aan dat stedenbouwers al jaren werken met regels om een bepaald beeld te maken, terwijl het maar een kleine stap is om deze regels in te zetten voor het creëren van een vrije markt voor ontwerpen;

denk er dan aan dat architecten het normaal vinden om met hun creaties te concurreren in prijsvragen, terwijl ditzelfde product op een permanente basis kan concurreren in een winkel.

Kortom, we zijn er bijna.

Open urbanism
minder architectuur voor meer mensen

internationaal

IABR1.jpg

Bijeenkomst RUIMTEVOLK en Nederlandwordtanders IABR

Rotterdam03 Apr '14

RUIMTEVOLK en Nederlandwordtanders presenteren op vrijdagmiddag 6 juni gezamenlijk de bijeenkomst ‘Werken aan de duurzame stad. Hoe gemeentelijke ambities en initiatieven uit de praktijk elkaar ontmoeten’ in de Rotterdamse Kunsthal.

meer...