• /files/pro/i_0148/1308_Trylletromler_by_FABRIC_01_pavilion_visualization_Kings_Garden_Cope___.jpg
  • /files/pro/i_0148/1308_Trylletromler_by_FABRIC_00_Pavillion_plan_and_section_Kings_Garden____.jpg
  • /files/pro/i_0148/1308_Trylletromler_by_FABRIC_04_aerial_view_3_detail_pavilion_Kings_Gard___.jpg
  • /files/pro/i_0148/1308_Trylletromler_by_FABRIC_06_aerial_view_6_detail_pavilion_Kings_Gard___.jpg
  • /files/pro/i_0148/1308_Trylletromler_by_FABRIC_00_Pavillion_projectection_on_site_Kings_Ga___.jpg
  • /files/pro/i_0148/1308_Trylletromler_by_FABRIC_03_aerial_view_1_pavilion_Kings_Garden_Cope___.jpg

Trylletromler, hek als tijdelijk paviljoen

FABRIC heeft de internationale ontwerpwedstrijd voor een tijdelijk paviljoen in de Kongens Have (Tuin van de Koning) in Kopenhagen gewonnen. Het ontwerp heet 'Trylletromler', de Deense naam voor de 19e eeuwse Britse uitvinding van de 'Zoetrope'. Het ontwerp voor dit tijdelijke bouwwerk moet toegankelijk zijn voor publiek, innovatief, demontabel en uitdagend in zijn idioom. Tegelijkertijd moet het ontwerp binnen een beperkt budget geschikt zijn voor realisatie.

Het Renaissance tuinontwerp van kasteel Rosenborg is het oudste bekende voorbeeld van tuinontwerp in Denemarken. Het ontwerp leunt sterk op principes van Euclidische meetkunde. De barokke wijzigingen van het oorspronkelijke ontwerp introduceerde doolhof achtige elementen, diagonale paden en de uitwerking van twee met bomen omzoomde lanen: Kavalergangen en Damegangen. Na deze wijzigingen is de tuin nooit meer drastisch veranderd. Tot op de dag van vandaag is deze klassieke voorstelling van ruimte werd zorgvuldig onderhouden.

De vraag om een innovatief en uitdagend paviljoen te ontwerpen voor de Kings Garden in Kopenhagen, biedt dus de uitdaging om een nieuw begrip van ruimte te introduceren. Dit nieuwe begrip van de ruimte bevraagd de strikte orde in het tuinontwerp door juist in te zetten op het vervagen van absolute grenzen en biedt ruimte voor ambivalentie en hybriditeit. FARIC hanteert zogezegd een ‘blurring strategy’ door het begrip van een paviljoen te vervangen met het meest elementaire element in de tuinarchitectuur: het hek. De strategie van vervagen gaat vervolgens uit van drie onafhankelijk opererende paradoxen: de provocatie van het begrippenpaar binnen en buiten, de introductie van een doorzichtig doolhof en de creatie van de illusie van beweging.

Het hek is in eerste instantie een vrijstaande structuur die bewegingsvrijheid op een grens beperkt. Door de grondvorm te plooien op de locatie, wordt ingespeeld op de dubbelzinnige beleving van binnen en buitengesloten worden door het hek.

Door in de tweede plaats openingen te forceren in het hek, worden routes door het paviljoen gecreëerd. De meeste openingen verschijnen als een gedeeltelijk optrekken van een gordijn. Door het vermijden van openingen op de voor de hand liggende routes van doorgaande zichtlijnen, worden bezoekers gedwongen om hun weg te vinden uit de opeenvolging van cirkelvormige ruimtes. Bovendien zijn niet alle openingen voor iedereen geschikt. Sommige openingen zijn alleen makkelijk toegankelijk voor kinderen, die hierdoor kunnen ontsnappen aan hun ouders tijdens hun verkenning van het paviljoen. Het hek werkt zogezegd als doorzichtig doolhof.

In de derde plaats creëert het hek de illusie van beweging met hulp van zogenaamde moire-patronen, die ontstaan door langs het paviljoen te bewegen. Het hek is gemaakt van drieduizend standaard stukken van Nordic hout, die worden samengevoegd met behulp van een onregelmatig patroon van wiggen. De repetitieve openingen tussen de spijlen van het hek en hun verbindingen creëren een afbeelding van continue beweging. Deze werking doet denken aan de Zoetrope. Dit 19e eeuwse apparaat activeert een indruk van beweging binnen een stilstaand beeld.

Op basis van deze drie principes is een intrigerende plattegrond ontworpen die bestaat uit een zorgvuldige compositie van tien perfecte cirkels. Het plan ontwerp is een reactie op de directe omgeving, zoals de uitgang van de rozentuin, het standbeeld in het water, zichtlijnen naar het kasteel, bestaande boom lijnen en de positie van solitaire bomen. De jury is onder de indruk van de belevingskwaliteiten van de 'Trylletromler'. De ruimtelijke kwaliteit van het paviljoen wordt ondersteund door de vele kamers en de mogelijke routes die gebruikers kunnen verkennen. Volgens de jury toont het project dan ook het beste de wens en het vermogen van architecten om het concept van het paviljoen een nieuwe betekenis te verlenen.

Hek als tijdelijk paviljoen

FABRIC heeft de internationale ontwerpwedstrijd voor een tijdelijk paviljoen in de Kongens Have (Tuin van de Koning) in Kopenhagen gewonnen. Het ontwerp heet 'Trylletromler', de Deense naam voor de 19e eeuwse Britse uitvinding van de 'Zoetrope'. Het ontwerp voor dit tijdelijke bouwwerk moet toegankelijk zijn voor publiek, innovatief, demontabel en uitdagend in zijn idioom. Tegelijkertijd moet het ontwerp binnen een beperkt budget geschikt zijn voor realisatie.

Het Renaissance tuinontwerp van kasteel Rosenborg is het oudste bekende voorbeeld van tuinontwerp in Denemarken. Het ontwerp leunt sterk op principes van Euclidische meetkunde. De barokke wijzigingen van het oorspronkelijke ontwerp introduceerde doolhof achtige elementen, diagonale paden en de uitwerking van twee met bomen omzoomde lanen: Kavalergangen en Damegangen. Na deze wijzigingen is de tuin nooit meer drastisch veranderd. Tot op de dag van vandaag is deze klassieke voorstelling van ruimte werd zorgvuldig onderhouden.

De vraag om een innovatief en uitdagend paviljoen te ontwerpen voor de Kings Garden in Kopenhagen, biedt dus de uitdaging om een nieuw begrip van ruimte te introduceren. Dit nieuwe begrip van de ruimte bevraagd de strikte orde in het tuinontwerp door juist in te zetten op het vervagen van absolute grenzen en biedt ruimte voor ambivalentie en hybriditeit. FARIC hanteert zogezegd een ‘blurring strategy’ door het begrip van een paviljoen te vervangen met het meest elementaire element in de tuinarchitectuur: het hek. De strategie van vervagen gaat vervolgens uit van drie onafhankelijk opererende paradoxen: de provocatie van het begrippenpaar binnen en buiten, de introductie van een doorzichtig doolhof en de creatie van de illusie van beweging.

Het hek is in eerste instantie een vrijstaande structuur die bewegingsvrijheid op een grens beperkt. Door de grondvorm te plooien op de locatie, wordt ingespeeld op de dubbelzinnige beleving van binnen en buitengesloten worden door het hek.

Door in de tweede plaats openingen te forceren in het hek, worden routes door het paviljoen gecreëerd. De meeste openingen verschijnen als een gedeeltelijk optrekken van een gordijn. Door het vermijden van openingen op de voor de hand liggende routes van doorgaande zichtlijnen, worden bezoekers gedwongen om hun weg te vinden uit de opeenvolging van cirkelvormige ruimtes. Bovendien zijn niet alle openingen voor iedereen geschikt. Sommige openingen zijn alleen makkelijk toegankelijk voor kinderen, die hierdoor kunnen ontsnappen aan hun ouders tijdens hun verkenning van het paviljoen. Het hek werkt zogezegd als doorzichtig doolhof.

In de derde plaats creëert het hek de illusie van beweging met hulp van zogenaamde moire-patronen, die ontstaan door langs het paviljoen te bewegen. Het hek is gemaakt van drieduizend standaard stukken van Nordic hout, die worden samengevoegd met behulp van een onregelmatig patroon van wiggen. De repetitieve openingen tussen de spijlen van het hek en hun verbindingen creëren een afbeelding van continue beweging. Deze werking doet denken aan de Zoetrope. Dit 19e eeuwse apparaat activeert een indruk van beweging binnen een stilstaand beeld.

Op basis van deze drie principes is een intrigerende plattegrond ontworpen die bestaat uit een zorgvuldige compositie van tien perfecte cirkels. Het plan ontwerp is een reactie op de directe omgeving, zoals de uitgang van de rozentuin, het standbeeld in het water, zichtlijnen naar het kasteel, bestaande boom lijnen en de positie van solitaire bomen. De jury is onder de indruk van